Buiensituatie 23/08/2015


Gekoppeld aan een min of meer west-oost geörienteerde trog wordt het morgen vanuit het ZZW onstabieler, terwijl er zich in de lagere niveaus een lineaire trigger vormt, dewelke naar alle waarschijnlijkheid de focus zal bieden voor onweersbuien.

Aangezien deze buien gekoppeld zijn aan een lineaire trigger zullen deze onweersbuien zich ook aan deze trigger vasthechten en zich manifesteren onder een lineaire feature met dezelfde quasi west-oost orientatie. Dit scenario wordt ondersteund door het gebrek aan een hoge stormmotion, waardoor buien zich niet van deze boundary kunnen afscheiden terwijl de lineaire trigger verder noordwaarts lijkt te propageren.

gfs cape10

Hoe verder de convergentielijn noordwaarts trekt, hoe lager de onstabiliteit lijkt te worden, waardoor de grootste dreiging op significant(er) onweer zich in de zuidelijke helft van de Benelux bevindt. Aangezien zoals gezegd de windschering sterk ondermaats is, en het thermodynamisch profiel ook geen hoge toppen scheert lijkt deze situatie al bij al nog wel mee te vallen en worden er geen of weinig noemenswaardige problemen verwacht. Ook daalt de onstabiliteit hoe verder de convergentie met haar noordelijk component verder transleert, waardoor de activiteit van deze buien en dus ook de "severity" verder lijkt af te nemen. 

gfs sreh3km10

Ook hier speelt het gebrek aan windschering een grote rol, aangezien het "systeem" zich niet gemakkelijk verder kan onderhouden en de barokliene vorticiteit aan de rand van de coldpool naar alle waarschijnlijkheid de dominante circulatie zal worden en parcels minder gemakkelijk wegens "gustfront-propagatie" naar hun LFC kunnen gebracht worden. Onder deze omgeving verwacht men dan ook eerder single cels en/of multicels. De CAPE profielen zijn minder prominent in dikte, maar zijn eerder dunnere, doch relatief hoge profielen waardoor de bliksemintensiteit niet èrg hoog lijkt te liggen, en de kans op significante hagel ook sterk ingedijkt wordt.

Wel dient er opgemerkt te worden dat de LFC zich niet zodanig hoog bevindt, waardoor het misschientoch niet zó moeilijk wordt om parcels langs het gustfront naar hun LFC te brengen. Hierdoor is het mogelijk dat het systeem zich toch langer kan onderhouden en tot ver(der) noordelijk zijn volle structuur behoudt, maar dit is echt wel een "best-case scenario" te noemen. Common logic primeert toch en die zegt dat het systeem hoe noordelijker, hoe minder intens wordt.

gfs pwat10

Als grootste aandachtspunt kunnen wij zeggen dat er wegens de trage treksnelheid een kans is op wateroverlast. Alhoewel de waarden niet extreem zijn, zien we een verhoogde hoeveelheid aan water die ter beschikking staat voor neerslag. Nog een geluk dat de oriëntatie van de verwachte onweersdreiging min of meer haaks staat op de trekrichting, waardoor training weinig of geen issue lijkt te vormen.